Flak & Radar

MARINE SEEZIEL-BATTERIE WESTDUIN

Op deze locatie ligt het noordelijke deel van de Marine Seeziel-Batterie Westduin ( MSB ). De kustbatterijen van de Marine, waaronder ook  Scheveningen Nord vormde de ruggengraat van de Duitse kustverdediging in Nederland. Het was namelijk de bedoeling met het zware geschut een geallieerde invasievloot al op zee te vernietigen, voordat de vijand voet al wal kreeg. De batterij had een groot oppervlakte van circa 850 meter bij 320 meter. in de zeereep en op de overgang tussen de zeereep en het strand lagen zware geschutsbunkers met in het midden de vuurleidingspost van waaruit het commando over de batterij werd gevoerd. Hier net achter lagen de munitieopslagen en manschappenverblijven met een wanddikte van minimaal 2 meter! Deze bouwwerken stonden met elkaar in verbinding via een open loopgraaf. Achter de zeereep lagen lichtere bouwwerken met een ondersteunende funtie.  ( Bron: Arthur van Beveren, Jeroen Rijgsma & Nick Warmerdam ).

” Flak Batterie Westduin, ( Luchtafweer ) “

Deze foto moet enkele weken of maanden na de bevrijding zijn gemaakt, aangezien er gewone burgers op deze foto zijn te zien! Vanaf 1942 was het strand en een groot deel van de badplaats verboden gebied, en uitgeroepen tot Spergebied. Nadat de Duitsers in 1945 hun stellingen hadden verlaten heeft het nog even geduurd voordat het strand weer kon worden vrijgegeven, gezien de vele mijnen en ander oorlogstuig dat zich nog in de bodem bevond.

Na de oorlog werden veel wapens en munitie aangetroffen in de duinen zoals hier één van de zes luchtafweerkanonnen, ( kaliber 8,8 cm ). Vier van deze lagen in een lichte boog in de zeereep. De andere twee lagen hier achter. Naast deze zware stukken luchtafweergeschut, stonden er ook lichtere stukken opgesteld. Deze beschermde de batterij tegen laag overvliegende vliegtuigen.

Bij het ontwerp van de ( 8.8 cm Flak ) ging men voor de levensduur van een loop uit van 900 schoten. Hierna moest de loop vervangen worden. De lopen waren heel duur om te produceren vanwege de benodigde precisie en een belasting voor de bevoorrading vanwege het vervoeren van nieuwe lopen. De ontwerpers van Krupp kwamen daarom op de proppen met een loop die bestond uit drie delen ( later teruggebracht tot twee delen ).

Om vliegtuigen op te sporen ( ook bij nacht ) werd in de buurt van de luchtdoelbatterij een radaropsporingsapparaat geplaatst van het type 62 Wurzburg 39 t/D2 of D3, waarvan het bereik 30 tot 40 km was! Voor de nachtelijke inzet van het luchtafweergeschut waren de batterijen voorzien van zoeklichten. Aangezien de geallieerden overdag te veel verliezen leden, gingen zij steeds vaker bij nacht aanvallen. Het zoeklicht werd daarom steeds belangrijker. Zonder zoeklicht was het niet mogelijk een tegenaanval uit te voeren.

De schotel had een doorsnede van 3 meter. ( Augustus 1945 ).

Foto’s Haags gemeente Archief – Bron: C Bal.